(050) 549 00 05

Eisen zwem - ABC

De Nationale Zwemdiploma’s worden landelijk uitgegeven door de Nationale Raad Zwemveiligheid en bestaan uit het Zwem-ABC, de Zwemcertificaten en de Zwemvaardigheidsdiploma’s.

Het Zwem-ABC is de basis van goed zwemonderwijs. Je voldoet aan de Nationale Norm Zwemveiligheid als je het complete Zwem-ABC op zak hebt. Zwemveiligheid kan je alleen behouden door oefening. Het is belangrijk om te blijven zwemmen. Dit kan met de Zwemvaardigheidsdiploma’s na het Zwem-ABC bij bijvoorbeeld een zwemvereniging.

Zwemdiploma A
Je beheerst vaardigheden voor een zwembad zonder attracties. Zwemdiploma A is de opstap naar Zwemdiploma B en het complete Zwem-ABC.

Zwemdiploma B
Je beheerst vaardigheden voor een zwembad met attracties, zoals een (wildwater)glijbaan, een golfslagbassin en een stroomversnelling. Zwemdiploma B is de tussenstap naar Zwemdiploma C = Nationale Norm Zwemveiligheid.

Zwemdiploma C = Nationale Norm Zwemveiligheid
Je beheerst vaardigheden voor een zwembad met attracties en in open water zonder stroming of grote golfslag, zoals recreatieplassen en bredere sloten/vaarten (behalve in de zee). Met dit diploma voldoe je aan de Nationale Norm Zwemveiligheid.

DIPLOMA A 

Kledingvoorschrift

  • badkleding
  • shirt, hemd of blouse met lange mouwen
  • lange broek, jurk of rok tot op de enkels
  • schoenen

      proef Survival

  • Vanaf enige hoogte te water gaan met een voetsprong voorwaarts, na het bovenkomen aansluitend
  • 15 seconden watertrappen, gevolgd door
  • 12,5 meter zwemmen, proef afronden met
  • zelfstandig uit het water op de kant klimmen

      proef Onder water oriëntatie

  • Van de kant te water gaan met een sprong (duiken heeft de voorkeur), gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 3 meter van de startkant bevindt.

      proef Conditiezwemmen

  • 25 meter schoolslag, gevolgd door
  • 25 meter enkelvoudige rugslag, gevolgd door
  • 25 meter schoolslag, onderbroken door 1 keer voetwaarts richting de bodem zakken, gevolgd door
  • 25 meter enkelvoudige rugslag

      proef Borst- en rugcrawl

  • 5 meter borstcrawl
  • 5 meter rugcrawl

      proef Je vertrouwd voelen in het water

  • Enkele slagen zwemmen op de buik, aansluitend
  • 5 seconden drijven op de buik, aansluitend enkele slagen zwemmen, gevolgd door
  • halve draai naar rugligging, gevolgd door
  • 10 seconden drijven op de rug

      proef Oriënteren boven water en verplaatsen

  • Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, gevolgd door
  • 60 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, waarin 2 keer, al watertrappend, een hele draai om de lengteas gemaakt wordt

DIPLOMA B 

Kledingvoorschrift

  • badkleding
  • shirt, hemd of blouse met lange mouwen
  • lange broek, jurk of rok tot op de enkels
  • schoenen

      proef Survival

  • Achterwaarts te water gaan, aansluitend
  • 15 seconden watertrappen, gevolgd door
  • 50 meter zwemmen, onderbroken door 1 keer onder een drijvend voorwerp door zwemmen, proef afronden met
  • zelfstandig uit het water op de kant klimmen

      proef Onder water oriëntatie

  • Van de kant duiken, gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 6 meter van de startkant bevindt

      proef Conditiezwemmen

  • 25 meter schoolslag, gevolgd door
  • 25 meter enkelvoudige rugslag, gevolgd door
  • 25 meter schoolslag, gevolgd door
  • 25 meter enkelvoudige rugslag, gevolgd door
  • 25 meter schoolslag, gevolgd door
  • 25 meter enkelvoudige rugslag, onderbroken door 2 keer een halve draai om de lengteas (van rug naar buik en van buik naar rug)

      proef Borst- en rugcrawl

  • 10 meter borstcrawl
  • 10 meter rugcrawl

      proef Je vertrouwd voelen in het water

  • In het water springen met een sprong naar keuze, aansluitend
  • 15 seconden drijven op de rug, gevolgd door
  • 5 meter hoofdwaarts voortbewegen op de rug met gebruik van armen in de richting van een drijvend voorwerp, gevolgd door
  • 20 seconden met gebruik van een drijvend voorwerp blijven drijven

      proef Oriënteren boven water en verplaatsen

  • Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, aansluitend
  • 60 seconden watertrappen met verplaatsen in meerdere richtingen, met gebruik van armen en benen, proef afronden met
  • 1 keer voetwaarts richting de bodem zakken

DIPLOMA C 

Kledingvoorschrift

  • badkleding
  • shirt, hemd of blouse met lange mouwen
  • lange broek, jurk of rok tot op de enkels
  • jas met lange mouwen
  • schoenen

      proef Survival

  • Te water gaan met een rol voorover, aansluitend
  • 15 seconden watertrappen, gevolgd door
  • 30 seconden verticaal blijven drijven met gebruik van een drijvend voorwerp, gevolgd door
  • 5 meter voortbewegen op de rug met gebruik van armen
  • Te water gaan met een sprong waarbij het hoofd boven water blijft, aansluitend
  • 100 meter zwemmen, onderbroken door 1 keer onder een drijvend voorwerp door te zwemmen en 1 keer over een drijvend voorwerp heen te klimmen, proef afronden met
  • zelfstandig uit het water op de kant klimmen
  • Te water gaan met een sprong naar keuze, enkele slagen zwemmen, aansluitend
  • 1 meter voor een verticaal in het water hangend zeil onder water gaan en door het gat in het zeil zwemmen

      proef Onder water oriëntatie

  • Van de kant duiken, gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 6 meter van de startkant bevindt, proef afronden met
  • naar de oppervlakte zwemmen, oriënteren en bovenkomen in een soort wak

      proef Conditiezwemmen

  • 75 meter schoolslag, onderbroken door 1 keer hoofdwaarts richting bodem te gaan, gevolgd door
  • 75 meter enkelvoudige rugslag

      proef Borst- en rugcrawl

  • 15 meter borstcrawl
  • 15 meter rugcrawl

      proef Oriënteren boven water en verplaatsen

  • Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, aansluitend
  • 30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen met verplaatsen in meerdere richtingen, gevolgd door
  • 15 seconden drijven op de rug, proef afronden met
  • 30 seconden watertrappen met de benen